Brandwonden

Wat zijn brandwonden?

De huid is het grootste orgaan van het menselijk lichaam en heeft een aantal belangrijke functies. Het is onder andere verantwoordelijk voor het regelen van de lichaamstemperatuur, maar ook biedt de huid bescherming tegen invloeden van buitenaf, zoals warmte, licht of infecties. De huid speelt ook een grote rol bij het doorgeven van sensorische informatie (voelen) en het opslaan van water, vet en vitamine D.

Wanneer de huid gedeeltelijk of volledig beschadigd raakt door hitte, chemische stoffen, kou of elektriciteit, wordt er gesproken over een brandwond. Brandwonden kunnen ervoor zorgen dat de huid belangrijke functies niet meer kan uitvoeren. Daarom is het belangrijk om brandwonden zowel te voorkomen als goed te behandelen.

Jaarlijks krijgen helaas veel mensen te maken met brandwonden. In Nederland lopen ieder jaar gemiddeld 900 personen ernstige brandwonden op. Zij worden dan opgenomen in één van de drie Nederlandse brandwondencentra in Beverwijk, Rotterdam of Groningen. Bovendien worden jaarlijks rond de 9.000 personen op de Spoedeisende Eerste Hulp behandeld na het oplopen van brandwonden. Ruim 92.000 personen worden door de huisarts gezien voor brandwonden.

De huid

Om te kunnen begrijpen welke type brandwonden er zijn en waarom een passende behandeling nodig is, is het belangrijk om te weten hoe de huid is opgebouwd en wat de functies zijn. De huid bestaat uit meerdere lagen die verschillende soorten cellen bevatten. Daarbij heeft iedere laag andere functies.

Epidermis (opperhuid)
Dit is de buitenste en enige zichtbare laag van de huid. De epidermis bestaat uit meerdere lagen en is een waterbestendige barrière voor invloeden van buitenaf. Ook zorgt deze laag voor de kleur van je huid.

Dermis (lederhuid)
Deze laag ligt direct onder de epidermis en bevat bindweefsel, zenuwuiteinden, haarzakjes en zweetklieren. Deze laag is grotendeels verantwoordelijk voor de elasticiteit en stevigheid van de huid.

Subcutis (onderhuid)
Dit is de diepste laag van de huid en bestaat uit bind- en vetweefsel. Deze laag vormt de grens tussen de huid en de onderliggende spieren en pezen. In deze laag zitten ook zenuwen en bloedvaten. Deze zenuwen en bloedvaten zijn groter dan die in de lederhuid.

 

Soorten brandwonden

Het soort brandwond hangt af van welke huidlagen beschadigd zijn geraakt door de verbranding. Deze wonddiepte hangt af van verschillende factoren zoals de temperatuur, chemische stof, de inwerktijd, de oorzaak van de verbranding, de dikte van de huid en de locatie van de brandwond.

Verbranding

soorten brandwondenBij een verbranding (eerstegraads verbranding of epidermale verbranding) gaat de huid niet stuk. We noemen het daarom ook geen brandwond, maar een verbranding. Toch kan deze verbranding heel pijnlijk zijn. Je herkent een verbranding aan een rode of roze verkleurde huid die soms droog en een beetje gezwollen is. De verbranding gaat na een aantal dagen vanzelf over. Dit soort verbrandingen kunnen bijvoorbeeld optreden als je te lang onbeschermd in de zon hebt gezeten.

Een verbranding is te herkennen aan de volgende kenmerken:

 

 

  • De huid kan wat gezwollen zijn (maar er verschijnen geen blaren)
  • De huid is verkleurd (rood of roze)
  • De plek is droger dan normaal
  • De verbrande plek prikkelt of is zelfs pijnlijk

Oppervlakkige brandwond

Oppervlakkige BrandwondWe spreken van een oppervlakkige brandwond als de huid gedeeltelijk zijn functie verliest. Zowel de epidermis (opperhuid) als een deel van de dermis (lederhuid) zijn dan beschadigd.

Bij een oppervlakkige brandwond, ook wel bekend als een oppervlakkige dermale of oppervlakkige tweedegraads brandwond, zijn de opperhuid en een klein deel van de lederhuid beschadigd. De lederhuid, de laag van de huid waarin nieuwe huidcellen worden aangemaakt, is dan nog deels intact. Dit type brandwonden is te herkennen aan een rode, natte en pijnlijke huid. Ook kunnen er blaren ontstaan. In deze blaren kan bloedplasma zitten – dit is een reactie van het lichaam om warmte kwijt te raken. Wanneer oppervlakkige brandwonden zijn genezen, kunnen er littekens achterblijven.

 

Kenmerken oppervlakkige brandwond:

  • De huid is glanzend rood, roze
  • De opperhuid is beschadigd tot in de lederhuid
  • De huid is nat
  • De huid kan blaren bevatten
  • De huid is zeer pijnlijk
  • De huid voelt nog soepel aan

Diepe brandwond

Tweedegraads brandwond diep

Bij diepe brandwonden, ook wel diep dermale of diepe tweedegraads brandwond genoemd, is er duidelijk sprake van een wond. De lederhuid is beschadigd en daarom kunnen er minder makkelijk nieuwe huidcellen worden aangemaakt. Daarom genezen deze wonden trager dan oppervlakkige brandwonden. De huid is roodachtig/wit, nat en zeer pijnlijk. Er kunnen open en/of dichte blaren zichtbaar aanwezig zijn.

Kenmerken diepe brandwond:

  • De lederhuid is meer aangetast dan bij een oppervlakkige brandwond
  • De huid heeft een rode of witte kleur
  • De huid is nat, minder dan oppervlakkige brandwond
  • De huid bevat blaren
  • De huid is pijnlijk, maar minder pijnlijk dan een oppervlakkige brandwond
  • De huid voelt nog soepel tot stug  aan.

Zeer diepe brandwond

Derdegraads brandwonden

Wanneer de huid tot in het onderliggende vetweefsel is beschadigd, wordt er gesproken over een zeer diepe brandwond. Dit wordt ook wel een subdermale of derdegraads brandwond genoemd. Hierbij zijn de opperhuid en lederhuid helemaal beschadigd. De zenuwen en haarzakjes in de huidlagen zijn dan ook beschadigd.

Bij dit type brandwonden is de huid wit, beige/bruin of zwart, droog en leerachtig. Deze wonden zijn niet pijnlijk omdat de zenuwen zijn aangetast en de pijnsignalen niet meer worden doorgegeven naar de hersenen. Zeer diepe brandwonden worden vaak omringd door diepe brandwonden die juist wel erg pijnlijk zijn.

 

 

Kenmerken zeer diepe brandwonden:

  • De opperhuid en de lederhuid zijn volledig beschadigd tot in het onderhuids vetweefsel
  • De huid is wit, beige tot donkerbruin/zwart
  • De overgebleven huid voelt stug tot leerachtig aan
  • De wond doet nauwelijks pijn
Het kan voorkomen dat ook de weefsels onder de huid ook zijn beschadigd. Denk hierbij aan de spieren, pezen en/of botten. Bij deze brandwonden is een operatie noodzakelijk. In de meeste gevallen wordt het dode weefsel verwijderd en wordt de wond bedekt met huid van een andere plaats van het lichaam.

Oorzaken van brandwonden

Brandwonden kunnen verschillende oorzaken hebben. Niet alle oorzaken leiden tot dezelfde typen brandwonden. Brandwonden kunnen onder andere veroorzaakt worden door:

Hete vloeistof

Hete vloeistof

Een verbranding door een hete vloeistof, zoals thee, koffie of olie. Dit kan leiden tot blaren maar ook zeer pijnlijke wonden.

Vuur of vlam

Vuur of vlam

Blootstelling aan een vlam of direct vuur leidt meestal tot een (diepe) wond. Een voorbeeld hiervan is een ongeluk tijdens het barbecueën.

Hete vloeistof

Hete voorwerpen

Het aanraken van een heet voorwerp kan een blaar of een zeer pijnlijke wond veroorzaken. Denk hierbij aan het aanraken van een kachel of hete pan.

Elektriciteit

Elektriciteit

Wanneer de huid in aanraking komt met elektriciteit kunnen er brandwonden ontstaan. Bijvoorbeeld door aanraking van een kapotte kabel of bliksem.

straling

Straling

Een te lange en onbeschermde blootstelling aan straling kan leiden tot een ontstekingsreactie van de huid. Denk hierbij aan de zon of radiotherapie.

Chemische stof

Chemische stof

De inwerking van een chemische stof op de huid kan ook brandwonden (chemisch letsel) veroorzaken. Hierbij kan worden gedacht aan zoutzuur of gootsteenontstopper.

Bevriezing

Bevriezing

Wanneer de huid wordt blootgesteld aan extreem lage temperaturen, kan dit ook leiden tot wonden die erg lijken of brandwonden. Denk hierbij aan wonden die kunnen ontstaan bij het gebruik van lachgas.

Zelfverbranding

Brandwonden zijn in de meeste gevallen het gevolg van een ongeluk. Het is dan niet de bedoeling om iemand schade toe te brengen. Soms worden brandwonden wel opzettelijk toegebracht. Dit kan bijvoorbeeld wanneer mensen zichzelf in brand steken of verwonden. Dit wordt zelfverbranding genoemd en is nooit zonder psychisch lijden. Denk hierbij aan een depressie of een psychose. Zelfverbrandingen zijn vaak zeer ernstig. Daarom worden deze mensen in een brandwondencentrum opgenomen.

Gevolgen van brandwonden

De gevolgen van het oplopen van brandwonden zijn voor iedereen anders. Wanneer het gaat om verbrandingen en oppervlakkige brandwonden, is er meestal geen behandeling in het brandwondencentrum nodig. Het herstel is kort en heeft vaak geen gevolgen op de lange termijn.

Wanneer iemand ernstige verbrandingen oploopt, waardoor opname in een ziekenhuis of brandwondencentrum noodzakelijk is, zijn de gevolgen groter. Direct na het brandwondenongeluk kan er een shock optreden. Door extreem vochtverlies kan de patiënt na enkele uren last krijgen van onder andere een lage bloeddruk, een snelle hartslag en een verminderd bewustzijn. Het slachtoffer kan verward of suf reageren, maar kan ook prikkelbaar of zelfs agressief worden. Sommige mensen ervaren tintelingen in de vingers.

Ouderen zijn een risicogroep

Mensen worden steeds ouder en hiermee groeit de groep ouderen in de samenleving. Deze toename zal gevolgen hebben voor de zorg voor ouderen, maar zeker ook voor de ouderen die brandwonden oplopen. Ieder mens wordt anders oud, maar voor alle ouderen geldt dat wanneer ze worden opgenomen met brandwonden, ze kwetsbaar zijn en een hoge kans hebben om te overlijden.

Veel brandwonden worden bij ouderen veroorzaakt door vuur of heet water De ongelukken gebeuren meestal in huis en vaak is er tijdens het ongeluk sprake van onwel worden, flauwvallen of een lichamelijke zwakte. Daarbij komt dat een oudere soms niet meer zo alert is op eventuele gevaren, de reactietijd verminderd is, minder mobiel is en soms cognitieve problemen kan hebben.

Hierdoor is het niet altijd mogelijk om weg te komen bij de oorzaak van de brandwonden, bijvoorbeeld wanneer iemand tegen een verwarming is gevallen. Daarbij is er een kans dat de eerste hulp niet mogelijk is, omdat ze alleen thuis zijn. Vandaar dat het van groot belang is om de kans op brandwonden zo klein mogelijk te maken.